Op adem


datum: 29 aug 2010

Lezingen

Op adem komen

Vandaag is het de eerste viering van het nieuwe seizoen.

Vandaag geen inleiding en overweging, maar drie reflecties over wat ons voorbereiders trof in de schriftlezingen. Hier komt de eerste reflectie.

De meesten van jullie zijn al met vakantie geweest. Een enkeling gaat nog. Waar ben je heen geweest, ver weg, dicht bij, of ben je gewoon thuis gebleven?

Eigenlijk is het niet zo belangrijk waar je heen bent gegaan; belangrijker is dat je in de vakantie op adem gekomen bent en weer nieuwe energie hebt opgedaan. Even de pas inhouden om inspiratie op te doen, je bezinnen op wat je deed en wat je straks weer gaat doen.

Op adem hebben we deze viering genoemd. We kijken nog even om, om gesterkt verder te gaan.

In de bijbel wordt nergens over vakantie gesproken, de zevende dag is er om op adem te komen, dat is genoeg. Maar tussen de regels door kom je toch zo af en toe iets van 'even afstand nemen' tegen, bijvoorbeeld in de stukken die we net lazen.

In het eerste stuk stuurt Jezus zijn leerlingen weg over het meer naar de andere oever en zegt dat híj later zal komen. Dan gaat hij alleen de berg op om te aanbidden. Daarna heeft hij weer de kracht en tijd voor allen die een beroep op hem doen. Afstand nemen, om er daarna weer tegen aan te gaan.

In het andere stuk gaat Elia de woestijn in, wanhopig.
Alle profeten van de Ene waren gedood - op Elia na. Gedood, omdat de god Baäl heerste in Israël. Maar Elia had stand gehouden. Hij had de profeten van Baäl ontmaskerd en liet hen doden. Toen dacht hij waarschijnlijk dat Baäl definitief verslagen was.Maar koningin Izebel zwoer wraak en Elia moest vluchten voor zijn leven, de woestijn in.
Hij was zó wanhopig dat hij niet verder wilde leven. Hij zei: het is genoeg, Ene. Neem nu mijn ziel, want ik ben niet beter dan mijn vaderen.

Toen raakte een engel hem aan, gaf hem eten en drinken, om op kracht te komen. Voor de komende reis, staat er. Elia reist dan 40 dagen en nachten verder de woestijn in. Daar ontmoet hij de Ene, die hem weer perspectief biedt om verder te gaan. Hij moet Hazaël zalven tot koning van Aram, Jehu zalven tot koning van Israël en Elisa zalven tot zijn opvolger.

Zo is de vlucht van Elia de woestijn in geworden tot een tijd van inkeer, een tijd waarin hij ontvankelijk werd voor die stem in hem; die stem die hem zei dat het niet allemaal van hem, Elia, afhangt, dat anderen het van hem kunnen overnemen. Dat is even slikken als je net dacht dat jij de belangrijke overwinnaar van de profeten van Baäl was, maar het geeft ook ruimte. Jij hebt het jouwe gedaan, nu komen anderen. Het is niet allemaal van jou afhankelijk.

Je korter of langer terugtrekken om op adem te komen en nieuwe inspiratie op te doen, om bij de komen van de wanhoop, om een nieuw perspectief; het gaat er altijd om dat je je taak als mens weer kan opnemen, niet gestresst maar open en onbevangen.

Wat hebben wij in de afgelopen maanden meegemaakt; wat heeft ons bemoedigd, geïnspireerd? Wie dat wil kan er kort iets over zeggen

Reacties

Ik begin de reacties met een gedicht van Hans Andreus. De eerste twee strofen van dat gedicht las ik deze zomer op de muur van de crypte van de Grote kerk van Deventer. Het heet ‘Geen kerstcantate’.

  1. Niet alleen in het holst
    van de nacht van het jaar
    iedere dag van het jaar
    heeft het licht het koud.

  2. Het vraagt om geen engelenstemmen.
    het hongert naar
    een beetje gerechtigheid
    aan deze kant van de tijd.

  3. En dromen doet het ook niet van
    eeuwig hemelse zomers
    in en om het vaderhuis,
    het hunkert naar
  4. aardse dagen ooit
    zonder marteling en moord,
    het licht dat van puur licht
    kind is en woord.

Als het stormt

Soms kan het behoorlijk stormen in je leven.

Iemand die je dierbaar was komt plotseling te overlijden, of uit een simpel medisch onderzoek blijkt dat je een ernstige ziekte onder de leden hebt, of zoals mezelf overkwam. Je raakt plotseling die baan kwijt die je altijd met zoveel plezier gehad hebt. Het zet je leven totaal op zijn kop.

Het overkwam Jezus ook. Hij had vernomen, dat zijn neef Johannes, voor wie hij een grote bewondering had, door Herodes onthoofd was. Ik kan me zo voorstellen dat dat een enorme schok voor hem was. Op zo’n moment wil je het liefste even alleen zijn, maar, als we de beschrijving van Mattheus volgen, mocht dat niet zo zijn.

Jezus wil zich met zijn leerlingen terugtrekken aan de overkant van het meer, maar alle mensen zien het en komen achter hem aan. En dan volgt het bekende verhaal van de wonderbare broodvermenigvuldiging. Pas daarna, en dat is het stuk wat we net lazen heeft Jezus even tijd om alleen te zijn. De menigte is weg, de leerlingen worden teruggestuurd en Jezus gaat in zijn eentje de berg op om er te aanbidden, staat er in onze vertaling, Ik denk dat het meer was vloeken en schreeuwen om uiting geven aan zijn wanhoop, je tranen de vrije loop laten. Mijn God, waarom moest Johannes vermoord worden. Ja het stormt in je hoofd op zo’n moment. Je hele wereld staat op zijn kop. Maar op een gegeven moment en daar gaat meer tijd overheen, dan een paar uur, zoals in de lezing gesuggereerd wordt, luwt die storm, Je gaat weer kijken naar de toekomst. Als gelovig mens komt Jezus tot de conclusie: het laatste woord is niet aan de dood, het onrecht zal niet overwinnen.

In de lezing over Elia lazen we over één aspect van water, het geeft nieuwe levenskracht. Elia kon na het drinken van het water en het eten van de koeken weer verder op zijn woestijntocht..

Mattheus laat de dodelijke kracht van het water zien Het stormt, de leerlingen zijn doodsbenauwd, hun boot dreigt te vergaan. Maar Jezus loopt over dat water. Hij treedt de dood met voeten. En zo kun je dit verhaal dus verstaan als een verwijzing naar zijn eigen overwinning op de dood. Het onrecht wordt teniet gedaan. Het recht zal zegevieren.

Twee jaar geleden ben ik ontslagen. Dat heeft mij ontzettend veel pijn gedaan, De voorbereiding van deze viering en met name deze lezing heeft, zoals mijn medevoorbereiders weten, heel veel bij me losgemaakt. Wat er voor de meesten van jullie al op zit, ga ik de komende maand nog uitgebreid vieren, vakantie. Ik heb mezelf beloofd, dat ik me daarna ook weer op mijn toekomst ga bezinnen.

De storm begint te luwen. Misschien moet ik nog wat klippen omzeilen, maar de haven komt in zicht.

Op adem gekomen

Jullie hoorden al hoeveel er al weer is gepasseerd. Ook in die periode van op adem komen staat het leven niet stil.

Einar zei al: in de Bijbel is van vakantie geen sprake. Jezus organiseert in Mattheus zijn stilte moment en Elia loopt “heen”.

Jezus zoekt de mensen weer op, loopt ze tegemoet en noodt ze naar hem toe te komen. Elia krijgt een liefdevolle schop onder de kont en koek toe. Vooruit. Weer aan de slag.

Als ik Mattheus goed lees dan lees ik in de Naardense vertaling: Jezus was alleen en aanbad. Hij bidt niet, hij aanbidt. Ineens dringt het verschil tot mij door. Elia bidt: het is genoeg, laat me, ik ben niet beter dan mijn vaderen.

Jezus aanbidt, alleen. Naast alles dat Bert schetst is er ook dit: Dat heeft een andere kwaliteit, het klinkt als lofprijzen en eerbied betonen, niet als “even weg van de drukte of: het uitschreeuwen van verdriet en: weg van al die mensen met hun vragen. Hij aanbidt en dan zoekt hij zijn vrienden weer op, en er is nog steeds het verdriet om zijn vriend en neef er is nog steeds al het andere. Toch is er weer ruimte.

Mij intrigeert dit, wat gebeurt er? Wat gebeurt er met mij, met jou in de rust? We hoorden het van enkelen, rust en stilte geeft ook ruimte aan wat we wat wegdrongen en wat aandacht vraagt. Dat is ook heel goed.

Ook wat rust en stilte betreft leggen we de lat soms hoog. Maar aanbidden, heb ik dat gedaan, terwijl er zo heel veel was om dankbaar voor te zijn? Ik denk “bij momenten”, maar niet echt bewust. Hoe hoor ik hier vandaag die uitnodiging om weer te beginnen met alles rond werk en zorg? Dat mag ook doordrongen blijven van momenten van stilte, rust en wellicht eerbied voor het bestaan , een bestaan inclusief leven en dood en sterven en momenten van moeilijke keuzes.

Als ik kijk naar onze zomer dan vond ik het heerlijk, maar kon aan mijn eigen spanning niet helemaal ontsnappen. Met de kinderen in de Ardennen, het was heel bijzonder, maar ook druk. Een verrukkelijk verjaardagsfeest en ach, wat heb ik me er toch ook druk over gemaakt (het weer, het eten, niet teveel, niet te weinig, ach). Ik geef me er aan over, het is zoals het is, geen verzet. dat is al heel wat!! Maar er naar kijken in verwondering is zoveel fijner.

Elia kreeg die engel aan zijn rustplek. Elia, sta op, eet, drink anders houd je het niet vol. Wij nodigen hier elkaar uit. Welkom weer. Welkom, laaf je aan brood en wijn, het is aan de tijd.

Inleiding op het delen van brood en wijn

Hij legt zich neer en slaapt in onder een bremstruik;
maar zie, een engel raakt hem aan
en zegt tot hem: sta op en eet!
Hij kijkt op en ziedaar aan zijn hoofdeinde 
een koek op kolen gebakken en een fles water;
hij eet en drinkt, keert zich om en legt zich weer neer.
De engel van de ENE keert terug voor de tweede keer, raakt hem aan
en zegt: sta op, eet,– want de weg wordt je teveel!
Hij staat op en eet en drinkt;
hij gaat door de kracht van dat eten
veertig maal een dag
en veertig maal een nacht verder
tot aan de berg van God, Horeb.
......
Hij deelt het brood en de wijn met zijn vrienden,
en zegt neemt, eet en drinkt ervan.
Als je van dit brood eet, eet je mij.
En als je van deze wijn drinkt, drink je mij.
Zo zijn we met elkaar verbonden.
En denk daarbij aan wat je met mij hebt meegemaakt,
hoe zieken gezond werden en blinden konden zien.

-----------------